AANDOENINGEN
Artrose
Wat is Artrose?
Artrose is een veelvoorkomende gewrichtsaandoening en tast de gewrichten aan. Bij deze vorm van slijtage wordt het kraakbeen in een gewricht steeds dunner en ruwer.
Kraakbeen is een glad, rubberachtig weefsel dat de uiteinden van botten in gewrichten bedekt. Het zorgt voor soepele bewegingen en dempt schokken. Bij artrose wordt dit kraakbeen dus dunner en ruwer, wat leidt tot wrijving tussen de botten, pijn en stijfheid.
Artrose kan in elk gewricht ontstaan. De knieën, heupen, handen en wervelkolom zijn het vaakst betrokken. De klachten ontstaan meestal door veroudering. Maar ook jongere mensen kunnen artrose ontwikkelen, bijvoorbeeld na een blessure of door langdurige overbelasting.
Wat zijn de symptomen van artrose?
De symptomen van artrose ontwikkelen zich meestal geleidelijk. Ze verschillen per persoon en hangen af van het aangetaste gewricht en de ernst van de klachten. De meest voorkomende symptomen zijn:
- Pijn: De pijn treedt vooral op tijdens en na beweging van het gewricht. Naarmate de artrose verergert, kan de pijn heviger worden. In het begin helpt rust vaak, maar later kan de pijn ook in rust aanhouden.
- Stijfheid: Dit komt vooral voor na een periode van inactiviteit, bijvoorbeeld ’s ochtends of na lang zitten. Het kan lastig zijn om daarna weer in beweging te komen.
- Verminderde bewegingsvrijheid: Door het slijten van het kraakbeen wordt het moeilijker om het gewricht volledig te buigen of te strekken. Dit beperkt de dagelijkse bewegingsvrijheid.
- Zwelling: Het gewricht kan opzwellen door ontsteking of door extra botvorming (osteofyten) rond het gewricht.
- Veranderingen in de gewrichtsvorm: In een ernstige gevallen kan het gewricht vervormen. Dit komt door botveranderingen en de groei van osteofyten, wat het gewricht vergroot of misvormt.
Wat zijn mogelijke oorzaken van artrose?
Artrose ontstaat door meerdere factoren die het kraakbeen beschadigen of verzwakken. De belangrijkste oorzaken zijn:
- Veroudering: Naarmate we ouder worden, verliest het kraakbeen veerkracht en herstellend vermogen. Daardoor slijt het sneller. Veroudering is de meest voorkomende oorzaak van artrose.
- Overgewicht: Extra kilo’s belasten gewrichten zoals knieën, heupen en rug. Dit vergroot de kans op artrose. Elke kilo extra verhoogt de druk op deze gewrichten aanzienlijk.
- Letsel of overbelasting: Gewrichtsblessures, zoals een breuk of verstuiking, kunnen de kans op artrose vergroten. Vooral als het gewricht niet goed herstelt. Ook herhaalde bewegingen of langdurige overbelasting, bijvoorbeeld bij sport of werk, versnellen slijtage.
- Genetische aanleg: Erfelijkheid speelt soms een rol, vooral bij artrose in de handen. Wie familieleden met artrose heeft, loopt zelf ook meer risico.
- Ziekten en aandoeningen: Ziektes zoals reumatoïde artritis, hemochromatose (ijzerstapeling) en stofwisselingsstoornissen kunnen artrose in de hand werken.
- Abnormale gewrichtsstructuren: Aangeboren afwijkingen, ongelijke beenlengtes of scheefstaande gewrichten verhogen de druk op het kraakbeen. Dit kan leiden tot vroegtijdige slijtage.
Hoe kan je artrose voorkomen?
Hoewel je artrose niet helemaal kunt voorkomen, helpen sommige maatregelen om het risico te verkleinen of de ziekte te vertragen:
- Gezond lichaamsgewicht behouden: Een gezond gewicht vermindert namelijk de druk op gewrichten, vooral knieën en heupen. Dit kan worden bereikt door een combinatie van gezonde voeding én regelmatige lichaamsbeweging.
- Regelmatige lichaamsbeweging: Regelmatige, matige lichaamsbeweging versterkt bovendien de spieren rondom de gewrichten. Activiteiten zoals wandelen, zwemmen en fietsen zijn bijvoorbeeld goed voor de gewrichten zonder ze te overbelasten.
- Vermijd overbelasting: Probeer overbelasting van uw gewrichten te voorkomen. Wissel taken af en neem daarnaast regelmatig pauzes, vooral bij herhaalde bewegingen of zwaar werk.
- Bescherm uw gewrichten: Bij sporten of fysieke activiteiten is het belangrijk om de juiste technieken en beschermende uitrusting te gebruiken. Dit helpt gewrichtsblessures te voorkomen. Het dragen van geschikte schoenen kan bijvoorbeeld helpen om de knieën en enkels te beschermen.
- Zorg voor een goede houding: Een goede houding vermindert de druk op uw gewrichten. Let daarom goed op hoe u zit, staat en tilt. Maak waar mogelijk ergonomische aanpassingen.
- Voorkom gewrichtsletsel: Wees voorzichtig bij risicovolle activiteiten. Gebruik waar nodig beschermers zoals pols- en kniebeschermers, zeker bij contactsporten.
Hoe ziet de behandeling van artrose eruit?
De behandeling van artrose richt zich op het verminderen van pijn, het verbeteren van de gewrichtsfunctie en het vertragen van de progressie van de ziekte. Er zijn verschillende behandelingsopties die kunnen worden afgestemd op de behoeften van de patiënt.
Fysiotherapie
Een fysiotherapeut kan een persoonlijk oefenprogramma opstellen om de spieren rond het aangetaste gewricht te versterken, de flexibiliteit te verbeteren en de pijn te verminderen. Oefeningen kunnen bestaan uit spierversterkende oefeningen, rekoefeningen en aerobe activiteiten die het gewicht dragen.
Manuele therapie
Dit omvat hands-on technieken zoals gewrichtsmobilisatie en zachte weefselmassage om de bewegingsvrijheid te verbeteren, pijn te verminderen en de algehele functie van het gewricht te bevorderen.
Gewrichtsbeschermende hulpmiddelen
Het gebruik van hulpmiddelen zoals braces, spalken of orthopedische inlegzolen kan helpen om de gewrichten te ondersteunen, de belasting te verminderen en de pijn te verlichten. In sommige gevallen kan het gebruik van een wandelstok of kruk nodig zijn.
Leefstijl- en voedingsadvies
Een diëtist kan advies geven over een gezond voedingspatroon dat helpt bij het behouden van een gezond gewicht en het bevorderen van gewrichtsgezondheid. Voedingsmiddelen die rijk zijn aan omega-3 vetzuren, zoals vette vis, kunnen ontstekingen verminderen en bijdragen aan gewrichtsgezondheid.
Educatie en zelfmanagement
Het begrijpen van artrose en leren hoe u zelf met de aandoening kunt omgaan, is cruciaal. Patiënten worden aangemoedigd om hun activiteiten aan te passen, rust te nemen wanneer dat nodig is, en te blijven bewegen binnen hun mogelijkheden om de gewrichtsfunctie te behouden.